1 september, 2020

Ingrid de Croon: verbinder van sport- en ambtelijke wereld

“Kijk nou, zelfs met dit warme weer spelen de ouderen jeu de boules.” Ingrid de Croon, adviseur sport bij de gemeente Voorst, wijst naar de overkant. Het is al behoorlijk warm als ik haar op het terras van de Taverne tref voor een gesprek over de invulling van haar rol als adviseur sport.

Aan de andere kant van de Iordensweg spelen onder grote bomen twaalf senioren een potje jeu de boules. “De jeu de boulesbaan was mijn eerste klus toen ik zes jaar geleden adviseur werd. Ik zat nog maar een dag op mijn post toen de vereniging bij mij aanklopte. De vereniging wilde de baan renoveren en uitbreiden. De baan was afgezet met bielzen die bij regen spekglad werden. Niet handig met kwetsbare ouderen. En daarbij groeide de vereniging dus een extra baan was ook zeer welkom.”

Tot dan toe had de vereniging nul op het rekest. De gemeente werkte niet mee en de VVE van het naastgelegen pand was bang dat de baan hangjongeren zou aantrekken. Aan Ingrid de taak om de neuzen dezelfde kant op te krijgen. “En dat ging gelukkig vrij gemakkelijk. De baan is door de verenigingsleden ontdaan van zijn bielzen vernieuwd. Ook is een extra baan aangelegd en een picknicktafel geplaatst. Als ik dan zie hoe intensief de banen nu gebruikt worden, dan geeft me dat toch wel een goed gevoel.”

Al jong bestuurslid
Opgroeiend in een Twelloos gezin waar vrijwilligerswerk met de paplepel ingegoten wordt, helpt Ingrid haar vader al vroeg mee bij de voetbalvereniging. Allerhande klusjes doen en meedraaien in de kantine. Al op haar zestiende is ze bestuurslid bij SV Voorwaarts. “Ik speelde met het damesvoetbalteam op hoog niveau, hoger dan het eerste herenelftal. Maar we hadden eigenlijk weinig in te brengen. Dat moest anders vonden wij. Dus ik werd de verbinding tussen het team en het bestuur.”  Ingrid zet zich ook in de jaren daarna in voor allerlei commissies en bestuursfuncties.

Als Ingrid van de school voor detailhandel komt, heeft ze het studeren wel gezien. Ze wil aan het werk. Bij de gemeente krijgt ze een vakantiebaantje op de financiële administratie waar ze na de zomer mag blijven werken. Ze is nooit meer weggegaan. Verschillende functies volgen, op financiën, belastingen en sociale zaken, totdat ze gevraagd wordt om te solliciteren voor de functie van adviseur sport. Haar liefde voor sport en haar inzet voor het verenigingsleven zijn niet onopgemerkt gebleven.

Want terwijl ze bij de gemeente opklimt, staat ze privé ook niet stil. Naast het verenigingswerk in de gemeente heeft ze nog een passie: voetbal. Ze wordt gevraagd als teammanager bij de jeugd van FC Twente en wordt de schakel tussen de spelers, de ouders en de club. “Ik deed voornamelijk faciliterend en organiserend werk rondom het team. We gingen met de jongens overal naar toe, we speelden zelf toernooien in Zuid-Korea en Dubai. Dan is het wel belangrijk dat ouders weten dat hun zoon in goede handen is en alles geregeld is.”

Het is Ingrid ten voeten uit, zo blijkt uit het gesprek. Als adviseur sport verbindt ze ogenschijnlijk vanzelfsprekend de ambtelijke met de verenigingswereld. Ze heeft oog voor andermans belang en ziet mogelijkheden. Zoals ze zelf zegt: ”Bij mij is het glas altijd halfvol.”  

Als Ingrid begint als adviseur sport heeft ze een duidelijke missie: “Ik wil dat mensen weten dat de gemeente er voor hen is. “De gemeente wordt tot dan toe vaak als een belemmerende factor gezien. “Terwijl: de gemeente kan juist zo vaak als bondgenoot optreden. De gemeente en verenigingen hebben vaak dezelfde belangen. Mensen moeten de gemeente als een samenwerkingspartner zien.” Om dat te bewerkstelligen is een aantal dingen nodig.

“Ik wil benaderbaar zijn voor de inwoners van Voorst, ze moeten me kennen.” Het bewijs daarvan blijkt tijdens ons gesprek. Ingrid zwaait tijdens ons gesprek regelmatig naar voorbijgangers die het terras passeren. Ingrid kent de inwoners van Voorst en de inwoners kennen haar. “Ik wil dat mensen me weten te vinden als ze hulp nodig hebben. Niet dat ik iedereen persoonlijk moet kennen. Maar ik wil wel dat iemand die een wens of een vraagt heeft op het gebied van sport en bewegen en daar hulp van de gemeente bij kan gebruiken, mij weet te vinden of via zijn netwerk op mij gewezen wordt.”

En dat gebeurt met grote regelmaat. Ze stelt zich hierin dienstbaar op. “Als ik op een donderdagavond moet aanschuiven bij een vergadering, dan doe ik dat. Ik begrijp ook wel dat vrijwilligers hun werk vooral búiten kantoortijden doen. En gelukkig is de gemeente flexibel en kan ik hierdoor op andere momenten vrij nemen.”

Ten tweede vindt Ingrid het belangrijk dat ze weet wat er speelt binnen de Voorster samenleving. “De kernen van Voorst moeten leefbaar blijven. Daar hoort sport en bewegen bij. Het zijn middelen om gezond te blijven en anderen te ontmoeten. Inwoners weten vaak heel goed waar ze op dat vlak behoefte aan hebben, dat bleek ook wel uit het Voorst onder de loepproject. Aan mij de taak om inwoners te helpen bij het verwezenlijken van wensen.” Ingrids jarenlange ervaring bij de gemeente helpt daarbij. “Ik ken de organisatie, heb ondertussen zelf veel kennis vergaard. En als ik het niet weet, weet ik wie van mijn collega’s verder kan helpen.”

Koningsspelen 2018
De kroon op Ingrids werk van afgelopen jaren zijn de Koningsspelen in 2018. Ze is de verbindende kracht achter de organisatie van dit evenement.  Als één van de drie scholen van Bredeschool de Fliert Ingrid benadert over de organisatie van de Koningsspelen, weet slechts een handjevol mensen dat de school een plan heeft ingediend om de Koning bij hen op school de Koningsspelen te laten openen. De school weet dan dat ze bij de laatste drie kanshebbers horen. Tijd om de organisatie op poten te zetten. De projectleider Koningspelen vraagt Ingrids hulp, ‘een mooie waardering’, en een kleine werkgroep wordt in het leven geroepen.

“Dat de Koning mogelijk naar Twello kwam, moest absoluut geheim blijven. Maar ondertussen wil je wel een groots opgezet evenement organiseren zonder al te veel extra kosten. Niet de makkelijkste opdracht. Het gaf mij wel een kick toen sportverenigingen, commerciële sportaanbieders en talloze andere mensen zich belangeloos inzetten om iets groots neer te zetten voor de scholen, zonder ook maar enige weet te hebben van het Koninklijke bezoek.” Op het terrein bij en voor de Fliert worden onder andere kickboksclinics, skate- en crossfietsclinics georganiseerd. Een lokale supermarkt droeg een steentje bij, CIOS-stagiaires hielpen op hun vrije dag meen en een topsporter uit Voorst had zijn trainingsprogramma zo aangepast dat hij op het crossbaantje clinics kon verzorgen. “ Toen alle partijen kort van te voren wisten dat de Koning kwam, waren ze apetrots dat ze het evenement mede mogelijk mochten maken.” Op de dag zelf is het prachtig weer en loopt het evenement op rolletjes. “Het is mooi om op zo’n dag met een klein team de spin in het web te zijn.”

Ingrid staat graag met de voeten in de klei. “Als je me op donderdag vraagt om op maandag een vergadering te beleggen met alle betrokkenen bij een nieuw op te zetten evenement, heb ik op vrijdagochtend een zaal, agenda en afspraken met alle betrokkenen rond. Maar vraag je me om een beleidsvoorstel te schrijven, dan heb ik dat vaak pas een uur voor de deadline klaar.” Het werken achter een bureau is niet aan haar besteed.

Het betekent niet dat ze geen visie heeft, ze weet heel goed waar ze naar toe wil. Zo is ze bezig met ‘open clubs,’ waarbij sportverenigingen hun ruimtes ook openstellen voor niet-leden. Dat helpt de leefbaarheid van de kernen overeind houden. “Overdag gebeurt er vaak weinig bij die clubs, terwijl andere partijen en particulieren steeds meer behoefte hebben aan een ruimte waar ze kunnen sporten of bewegen. Een beetje reuring kan helemaal geen kwaad.”

Ook is ze druk met de toekomstbestendigheid van verenigingen en de leefbaarheid in de kernen. “Vrijwilligerswerk doen bij een sportvereniging is niet meer vanzelfsprekend. Mensen zijn drukker geworden en waar gezinnen eerder allemaal dezelfde sport beoefenden, doet iedereen nu wat anders. Dan is voor ouders een paar uurtjes kantinedienst draaien veel lastiger dan als je kinderen toch allemaal de hele middag op dezelfde vereniging zijn. Dus zou het ideaal zijn als vrijwilligers van verschillende verenigingen  samenwerken waardoor er minder mankracht nodig is. En aan de andere kant probeer je mensen er ook bewust van te maken dat een vereniging niet kan bestaan zonder de inzet van vrijwilligers.”