1 september, 2021

Leerlingen een zachte landing geven op het voortgezet onderwijs

Nu de vakantie ten einde is en kinderen weer naar school gaan, breekt er voor de oud-leerlingen van groep acht een nieuwe fase aan: ze gaan naar het voortgezet onderwijs. Voor sommige leerlingen is dit best een grote stap. Basisscholen en het voortgezet onderwijs in Voorst werken daarom met onder meer een vo-training, kennisuitwisselingen en meer samenwerking aan een soepeler overgang.

Sinds twee jaar is een werkgroep, bestaande uit vertegenwoordigers van basis- en middelbare scholen in Voorst, bezig om het onderwijs beter op elkaar te laten aansluiten. “Het basis- en voortgezet onderwijs zijn eigenlijk merkwaardig gescheiden werelden,” vertelt René Veldhoen, teamleider op het Zone.college. “Er was altijd wel een overdracht van leerlingen via het onderwijskundig rapport, maar eigenlijk weten de docenten in het voortgezet onderwijs maar weinig van hoe het er in het basisonderwijs aan toe gaat. En andersom geldt hetzelfde.” De hoogste tijd dus om dat te veranderen.

Op verschillende manieren wordt gewerkt aan een ‘zachte landing’ voor achtstegroepers die naar de brugklas gaan. Voor leerlingen die aan het eind van groep 8 nog niet helemaal klaar zijn voor de middelbare school is er een training. In vijf bijeenkomsten voor de vakantie en twee daarna werken ze aan verschillende vaardigheden. Carla Woudstra, directeur van basisschool Martinus in Twello: “Sommige leerlingen hebben nog wat meer zelfvertrouwen nodig of kunnen hun eigen werk nog niet zo goed plannen. Tijdens de training helpen we ze daarbij.” 

Verder onderzoeken ook docenten hoe zij hun lesprogramma’s beter op elkaar kunnen laten aansluiten. Een aantal reken- en wiskundedocenten wisselen nu hun rekendidactieken uit. René: “Onze docenten wisselen uit hoe er op binnen een klas op verschillende niveaus gewerkt wordt. Dar gebeurt op de basisschool al veel meer dan op het voortgezet onderwijs.”

Andersom zijn basisscholen nieuwsgierig naar de manier waarop kinderen leren plannen. Carla: “Een papieren agenda is er niet meer bij, we kunnen in onze voorbereiding van de eindgroepleerlingen daarom meer focussen op online planvaardigheden.”

Tot slot merken René en Carla op dat de activiteiten en het overleg er toe leidt dat het basis- en het voortgezet onderwijs elkaar nu veel beter weten te vinden. “Uiteindelijk moet de werkgroep uitmonden in een platform PO-VO, waarin we ook contact hebben met de scholen in omringende gemeenten. Want leerlingen stromen uit naar allerlei scholengemeenschappen in de regio.”